`Kleine fondliefhebber met de focus op bewezen lijnen die doorkweken’.
Een 1e prijswinnaar of topper kweken die schittert op de overnachtvluchten valt
niet mee. Veelal komt er toch wat geluk bij kijken, aangezien je overnachtduiven
nu eenmaal niet 8 maal op een seizoen kunt testen. De behaalde prijzen,
afstamming en gezondheid bij thuiskomst is vaak de graadmeter, maar ook uit
toppers worden meer slechte dan goede duiven gekweekt. Na een avond ‘buurten’
bij René Oomen viel het me echter op dat je het pad naar succes kunt versnellen
door jezelf te focussen op bepaalde lijnen die goed doorkweken.
Het is duidelijk dat de nuchtere en pragmatische René tijdens zijn zoektocht
naar versterking de wijze lessen van grootmeesters zoals Jan Theelen, consequent
heeft doorgevoerd. René vertelt: ‘Jan maakte altijd de grap dat liefhebbers die
jongen uit zijn oudste kweekers meenamen, minstens 3 jaar achterstand op hem
hadden. Natuurlijk begreep hij wel dat de directe broers of zussen van zijn
cracks geliefd waren, maar naar zijn mening had je voor de kweek meer kans met
een jong uit zijn beste vliegers die (klein) kinderen waren van zijn cracks. Die
hebben immers in hun afstamming meerdere bewezen generaties zitten, zodat de
kans op doorkweek groter is’.
Groot geworden met het befaamde ‘Ketsen’ soort
Overigens is de doorkweek theorie bij René met de paplepel ingegoten. Zijn vader
en oom (toen vliegend onder de naam Lauwerijssen Oomen) zijn namelijk de
grondleggers van het befaamde ‘Ketsen’ soort, dat ver buiten Rucphen zijn
vruchten heeft afgeworpen en in de afstamming van heel veel 1e prijswinnaars
terug te vinden is. Dit tweetal duiven die afkomstig waren van de beroemde
familie van Boxtel uit Kaatsheuvel, hadden één doorslaggevende eigenschap:
(door)kweken van 1e prijswinnaars en duifkampioenen.
René is dus opgegroeid tussen de duiven en toen hij in 1989 naar St Willebrord
verhuisde, is hij zich gaan specialiseren op de overnachtfond. Overigens vindt
René alle spelsoorten interessant en is hij de mening toegedaan dat je iedereen
in zijn waarde moet laten en het spelplezier moet gunnen. Echter vanwege zijn
werk (René is als hoofd verkoopbinnendienst van een weegbruggen bedrijf,
verantwoordelijk voor de aansturing van de verkopers) heeft hij de focus op de
overnacht klassiekers gelegd.
Diverse malen bij de eerste 100 Nationaal met de Perpignan lijn
Overnachtfond toppers hebben René heel zijn leven gefascineerd en vanaf eind
jaren ’70 komt hij bij Jan Theelen over de vloer om te ‘buurten’ en duiven te
kijken. Later zijn er ook een aantal duiven van Jan naar St Willebrord gekomen
aangevuld met enkele rechtstreekse duiven van Jan Ernest, Gebr. Brugemann en Cor
de Heijde. De basisduivin van zijn huidige stam is echter de Queen.
Deze duivin kocht René op een verkoop van Bram Kooij en komt rechtstreeks van
Jan Walpot. De Queen is een kleindochter van het superkoppel van Jan Walpot en
komt uit de goede 41 (13e Int San Sebastiaan en 91e Nat Perpignan), die tevens
een broer is van de 1e nationaal Perpignan.
De Queen kweekt uitermate goed door en is bij René o.a. moeder van de 2e
Nationaal Pau, 3e nationaal Mont de Marsan en 16e Nationaal Souston. Als René
iets bijhaalt probeert hij altijd iets uit de lijn van de Perpignan te
bemachtigen, zodat hij op deze lijn kan doorkweken.
veel korte ritjes
Alle 16 koppels vliegduiven worden op nest gespeeld en als het kan worden beide
duiven van het koppel gespeeld. René zegt hierover: ‘Op het moment dat de duiven
thuiskomen is het wel wat prullen en ben ik vaak een uurke bezig, maar dan komen
ze vaak wel weer terug op het nest en is de stand niet weg’.
Op 18 maart worden de 12 koppels kwekers en vliegduiven gekoppeld en brengen ze
een ronde jongen groot. De vliegers gaan vervolgens gewoon door met de nestcycli
en op dit moment zitten de duiven aan de derde ronde. De duiven worden 2 maal
per jaar op de overnacht gespeeld. René is de mening toegedaan dat als je de
duiven meer dan 2 overnachtvluchten laat maken, de kans kleiner wordt dat ze een
kopprijs behalen.
Het hele jaar door wordt een mengeling van super en speciaal van Voeten
verstrekt. In de voerbak zit altijd een lichtere mengeling en de duiven die
meegaan krijgen in hun eigen broedbak wat zwaarder voer. ’s Avonds krijgen de
duiven wat snoepzaad in hun bak.
Aangezien René geen tijd heeft om ze op te jagen, geeft hij ze heel veel mee op
Quievrain en de reguliere programma vluchten. Daarnaast brengt hij ze ’s avonds
of ’s ochtends geregeld weg. ‘Veel korte ritjes en daarnaast zit de hond rond
het hok regelmatig achter ze aan om ze te trainen’, aldus een lachende René die
ter onderbouwing ook nog een wijze raad van zijn leermeester Jan Theelen
citeert: ‘De overnachters met ervaring worden niet op de eendaagse fondvluchten
ingevlogen, maar veelvuldig op kortere afstand gespeeld. Zo nemen de reserves
niet af, maken ze wel hun kilometers en krijgen ze wedstrijdconditie’.
Aangezien de duiven veel meegaan krijgen ze bij thuiskomst ter ontsmetting A + B
van Jan Konings. Daarnaast krijgen ze ’s zondags voor inkorving een tabletje
Magix van de Weerd.
85 jarige vader Rien en dochter Kristel zijn getuigen van de overwinning
Doordat de duiven van Mont de Marsan uitgesteld waren en ’s maandags aankwamen,
kreeg René hulp van vader Rien en dochter Kristel. Samen met zijn kleindochter
zat Rien (die overigens ondanks zijn hoge leeftijd nog regelmatig de
concurrentie met zijn eigen duiven het nakijken geeft en de 1e prijs opeist) op
maandagochtend al een tijdje te kijken toen plotseling de 03-0344139 op de klep
verscheen en direct naar binnen dook. De overwinning was een feit en Rien en
Kristel belde vol enthousiasme naar René die uiteraard erg trots was op zijn
‘letters’ en de ‘139.
De ‘139 die de 1e prijs speelt in de Fond Union tegen 1166 duiven en
waarschijnlijk de 15e Nationaal behaald is als jaarling op Bergerac gespeeld
(362e tegen 1979 duiven) en dit jaar van Bordeaux (131e van 1899 duiven). Tot nu
toe heeft ze dus 3 op 3 en het zal u niet verbazen dat haar moeder een
rechtstreekse dochter is van de Queen x de zoon van 2e Nat Pau (die weer een
zoon is van de Queen). Haar vader is afkomstig uit 2 rechtstreekse Gebr.
Brugemann duiven die ingeteeld zijn naar de Orhan, Chiba en de Tycha.
De ‘139 werd ingekorfd op 14 dagen eieren en bij het maken van de foto wilde ze
al de gehele tijd naar haar nest. Waarschijnlijk motiveert ze zichzelf dus en
hebben de 2 ingeteelde lijnen van topduiven ervoor gezorgd dat ze voldoende
bagage heeft.